In die dagen zal de Heer ... voor alle volken een maaltijd aanrichten

Jesaja 26, 6 - Lezing op zondag 15 oktober
Bereikbaarheidsdienst: 06 - 133 244 06

Kindje wiegen

Het kerstverhaal voor peuters en kleuters

ook papa's, mama's, opa's en oma's, broers en zussen zijn van harte welkom!

Zaterdag 24 december 2016
Titus Brandsma Huis
16.00 - 17.00 uur
We bidden samen voor vrede op aarde, we zingen kerstliedjes
en luisteren en kijken naar het kerstverhaal.
Kinderen van de basisschool spelen het kerstverhaal,
het kinderkoor wordt begeleid door Hans Mol.

Zondag 25 december 2016

Engelbert Wijhe
14.30 uur
Het Kindje in de kribbe wacht ook op jou!

Nicolaas Schalkhaar
15.00 uur

We komen bij elkaar rond de kerstkribbe.
Kom jij ook meezingen en luisteren naar het kerstverhaal?

Meer informatie over alle kerstvieringen voor jong en oud: zie het vieringenrooster

Het kerstverhaal voor kids

Het kerstverhaal voor kids

Het Kerstverhaal volgens Lucas 2, 1-14

De engel Gabriel
‘Eens zal de Redder komen’, heeft God lang geleden beloofd.
Niemand weet wanneer het zal gebeuren. Iedereen wacht af.
Op een dag stuurt God de engel Gabriel naar Nazaret. Daar woont Maria.
Zij zal trouwen met Jozef. De engel heeft groot nieuws voor haar.
‘God heeft jou uitgekozen, Maria,’ vertelt de engel. ‘Je zult een kindje krijgen.
Hij zal de Zoon van God zijn. De redder waar de mensen op wachten. Je moet Hem de naam Jezus geven.’
Maria is blij. Ze zingt een lied voor God. Ze dankt Hem, omdat ze de moeder van zijn Zoon mag worden.

Jozef en Maria gaan op reis
Een paar maanden later gaan Jozef en Maria op reis. De keizer in Rome wil weten hoeveel mensen er in zijn land wonen. Jozef moet naar Bethlehem, daar komt zijn familie vandaan. Het is een lange reis. Als ze in Bethlehem aankomen, is er geen plaats meer voor hen. Maria is moe. Ze voelt dat de baby gauw geboren zal worden.

Jozef en Maria in de stal
Jozef probeert onderdak te vinden voor de nacht. Maar niemand heeft plaats.
Dan komen ze bij een herberg. ‘Naast mijn huis is een stal.’zegt de herbergier.
‘Er staat geen bed, maar het is er warm en droog. Daar mogen jullie slapen.’
Die nacht wordt Jezus geboren.
Maria legt haar kindje in een voerbak voor de dieren. Op een bedje van hooi.

De herders op het veld
Het is nacht. Op de heuvels bij Bethlehem zijn herders. Zij passen op hun schapen. De herders zitten rond een vuur om warm te blijven.
Ze beginnen een beetje slaperig te worden. Ineens is er een verblindend licht. Er staat een engel bij hen. ‘Wees niet bang,’zegt hij.
‘Ik heb goed nieuws. vannacht is er een Kindje in Bethlehem geboren.
Hij is Jezus Christus, de Heer. Je zult het Kind vinden, in doeken gewikkeld. Het ligt in een kribbe. Ga zelf maar kijken.’
De herders worden bang, maar ook blij.

Plotseling is de hele lucht vol met engelen. Ze zingen een prachtig lied. ‘Ere zij God in den hoge. En vrede op aarde, in mensen welbehagen.’ ‘Kom’, roepen ze. ‘Laten we snel naar Bethlehem gaan. We moeten het Kind zoeken waarvan God ons verteld heeft.’

De herders in de stad
Haastig lopen de herders door de stad, op zoek naar het Kindje. Ze kloppen op de deur van een herberg.
‘Is hier een baby geboren?’vragen ze aan de herbergier.
Hij brengt hen naar een stal, waar de dieren slapen.
Daar vinden de herders Maria en Jozef.
In een voerbak, in doeken gewikkeld, ligt een Kindje: Jezus, hun Redder. De herders kijken naar het kleine Kindje. Ze voelen een grote blijdschap in hun hart.

Ze nemen afscheid van Maria en Jozef en lopen naar de stad. ‘We hebben Jezus gezien,’vertellen ze aan iedereen. Ze zingen liedjes om God te danken. Het is precies zoals de engel het hun verteld heeft.

Terug naar → Home Vieren

@mdj